• Nu te doen - header

Ooggetuigenlezing

lezingMuseum
Ooggetuigenlezing

Ook in 2026 is de laatste zondag van de maand gereserveerd voor een lezing door een ooggetuige: iemand die vertelt over de eigen ervaringen in de Tweede Wereldoorlog. Aanvang is om 13.30 uur, toegang is gratis met een ticket voor het Herinneringscentrum.

 

  • Zondag 26 april: Mieke van Creveld-Zeehandelaar (1936)

Mieke van Creveld-Zeehandelaar (1936) groeit op in Amsterdam, in een bewust Joods gezin. Eind 1942 wordt ze met haar ouders opgepakt en naar kamp Westerbork overgebracht. Mieke is dan 6 jaar oud. De dagen vullen zich met ‘spelen achter prikkeldraad’, het schooltje waarvan leeftijdgenootjes steeds op transport verdwijnen en de zorgen van haar moeder.

Na anderhalf jaar wordt het gezin in februari 1944 gedeporteerd naar Bergen Belsen. De toestand daar verslechtert snel aan het eind van de oorlog. Hoewel de geallieerden in april 1945 van alle kanten oprukken, komt aan het oorlogsleed van Mieke en haar familie nog geen einde. De nazi’s maken drie treinen gereed voor vertrek naar een onbekende bestemming in het oosten. Als onderdeel van wat bekend zal worden als het Verloren Transport eindigt de vreselijke reis na tien dagen in Tröbitz, tussen Leipzig en Dresden. Op de ochtend van 24 april 1945 wordt het treinstel bevrijd door de Russen.

Op negenjarige leeftijd keert Mieke in Nederland terug als een oude vrouw. “Er zijn eisen aan me gesteld die je nooit aan kind zou stellen”. De oorlog is van grote invloed geweest op de rest van haar leven.

 

  • Extra lezing zondag 3 mei: Chaïm Alster (1936) 

Chaïm Alster (1936) is als Joods jongetje geboren in Berlijn, Duitsland. Zijn ouders waren daarvóór al met hun families uit Polen en Oekraïne gevlucht vanwege de vervolging en moord (pogroms) op Joden door Polen en Oekraïners. Maar ook Berlijn is onder Hitler niet veilig, het gezin vlucht daarom in 1937 naar Amsterdam. 

Chaïm is 6 jaar oud als de oorlog in Nederland uitbreekt. De anti-Joodse maatregelen gelden ook voor hem, zoals het verplicht dragen van de Jodenster in 1942. Wederom slaan ze op de vlucht: een gezin met drie jonge kinderen zwervend door België en Frankrijk. Chaïm: “Het was vooral eindeloos veel lopen.En altijd de angst om opgepakt te worden.” Na 4 maanden bereiken ze het neutrale Zwitserland. 

In 1946 keren ze terug naar Amsterdam, Chaïm is dan 10 jaar oud. Reden tot vreugde is er echter niet. De hele rest van de familie, grootouders, ooms en tantes, neven en nichten, blijken te zijn vermoord in concentratiekampen. Ook reageren veel Nederlanders negatief op teruggekeerde Joden. Chaïm wordt gediscrimineerd en buitengesloten, waardoor hij een hekel aan mensen ontwikkelt. Als opgroeiende jongeman is hij eenzaam en niet happy. Als zakenman wordt hij hard, kil en zakelijk: dat is zijn manier om te ‘overleven’. Maar ook beseft Chaïm dat dát niet de persoon is die hij wil zijn. Op zijn 51e gooit hij het roer radicaal om en laat de ‘shit’ achter zich. In plaats van ‘overleven’ is hij nu klaar om écht te ‘leven’.

Als gastspreker wil Chaïm Alster vooral duidelijk maken welk effect uitsluiting en discriminatie heeft op een mens. “Maak geen slachtoffers door te discrimineren, en laat je nooit tot slachtoffer maken.”

 

Logo (oog) met tekst Landelijk Steunpunt Gastsprekers

 

 

  • European Heritage Label
  • Unesco

Bezoek Kamp Westerbork

Klik hier voor meer informatie over vervoersmogelijkheden en de bereikbaarheid.
Logo van Herinneringscentrum Kamp Westerbork